Dwangstoornissen
ispagina
Iemand met een dwangstoornis heeft last van aanhoudende obsessieve gedachten of van aanhoudende dwanghandelingen. Bijvoorbeeld vaak onnodig je handen wassen, controleren of je iets wel in je tas hebt gedaan, of tellen van bijvoorbeeld stoeptegels.
Het zijn obsessieve gedachten of handelingen die steeds opnieuw weer terugkomen, terwijl de persoon ze juist probeert te onderdrukken of te negeren. Ze hebben veel invloed op het dagelijks leven, omdat ze veel tijd kosten.
Angst
Een dwangstoornis lijkt een beetje op een angststoornis, omdat de aanhoudende gedachten vaak over iets ergs gaan. De dwanghandelingen zijn dan bedoeld om dat erge te 'voorkomen' of tegen te houden. Bijvoorbeeld bang zijn dat je ouders een auto ongeluk krijgen en om dat te 'voorkomen' 3 keer je tanden poetsen voor je gaat slapen.
Hulp zoeken
Het komt vaker voor dat kinderen in minder ernstige mate dwanggedachten hebben of dwanghandelingen uitvoeren. Zolang het geen grote invloed heeft op het dagelijks leven is dit niet erg. De meeste kinderen groeien er overheen.
Soms gebeurt dit niet en wordt de dwangstoornis juist erger. Je kunt dan het best met je kind naar de huisarts of jeugdarts gaan. Zij kunnen je kind doorverwijzen naar professionele hulpinstanties. De behandeling van dwangstoornissen kan bijvoorbeeld door middel van medicatie en therapie.



Delen